Telefoonverbod op school en nieuwe online regels: wat betekent dit voor ouders?

Telefoonverbod op school en nieuwe online regels: wat betekent dit voor ouders?

Op 5 oktober presenteerde het kabinet een strategie om kinderen online beter te beschermen. De bekendste maatregel: telefoons moeten de hele schooldag in de kluis. Maar er staat meer in. Denk aan een leeftijdsgrens voor sociale media en een verbod op verslavend ontwerp. Ook komen er strengere regels voor kinderen die geld verdienen met filmpjes.

Wat wil het kabinet?

Het kabinet wil dat basisscholen en middelbare scholen per 1 januari 2027 mobiele telefoons verbieden op de hele school. Leerlingen mogen ze dan ook niet meer gebruiken in de pauze, in de aula of op het schoolplein. Nu geldt het verbod op veel scholen alleen in de klas. De norm heet “thuis of in de kluis” en is een belofte uit het regeerakkoord. Veel scholen zijn al strenger geworden. Volgens het kabinet zijn de eerste resultaten positief.

Let op: dit is een dringend advies, geen wet. Het kabinet gaat niet over het telefoonbeleid van scholen. In 2024 maakte het ministerie van Onderwijs al landelijke afspraken over telefoons tijdens de les. Nu wil staatssecretaris Tielen met de onderwijssector afspraken maken over de hele schooldag.

De maatregel maakt deel uit van de Strategiebrief online kinderrechten van staatssecretaris Aerdts. Daarin staan zo’n veertig regelingen, waarvan vijftien nieuw. Het doel is een “veilige en gezonde online wereld voor kinderen”.

Een leeftijdsgrens voor sociale media

De Europese Commissie presenteerde in september een voorstel voor een wet over sociale media en kinderen. De plannen lijken op die van het Nederlandse kabinet, maar er zit een verschil in.

  • Vanaf 13 jaar mag een kind een account hebben, maar het account is dan van de ouders. De microfoon en camera staan standaard uit. Het kind mag maximaal een uur per dag online. De ouder bepaalt wie de volgers zijn.
  • Vanaf 15 jaar kan een kind een eigen account aanmaken. Het Nederlandse kabinet noemt ook 15 jaar als grens, zolang sociale media niet veilig zijn voor kinderen.

De regels gelden voor onder meer Facebook, Instagram, Snapchat, TikTok en X. YouTube krijgt strengere regels. WhatsApp valt erbuiten. Het Europees Parlement en alle 27 lidstaten moeten nog akkoord gaan. Vermoedelijk gaan de regels op zijn vroegst eind 2027 of in 2028 in.

Hoe de leeftijd moet worden gecontroleerd, is nog onduidelijk. Een idee is een leeftijdsapp. Een andere optie is dat een bank, huisarts of school een digitale verklaring geeft. Techbedrijven geven aan dat het onduidelijk is hoe dit in de praktijk moet werken.

Verslavend ontwerp aan banden

Het kabinet en de Europese Commissie richten zich ook op de apps zelf. Het eindeloos kunnen doorscrollen zou verboden worden. Dat geldt ook voor andere verslavende technieken, zoals bepaalde algoritmes. Bedrijven moeten bovendien maatregelen nemen zodat sociale media onder schooltijd en ’s nachts minder worden gebruikt.

Dat sluit aan op wat we eerder schreven over autoplay. Zulke functies zijn bewuste ontwerpkeuzes om je langer vast te houden. Voor ouders blijkt het lastig om het urenlange scrollen van hun kinderen te beperken. Schermtijden van 5 tot 6 uur per dag zijn niet ongewoon.

Kinderen als verdienmodel

Het kabinet werkt ook aan strengere regels voor vlogfamilies en kidfluencers. Online content van kinderen onder de 15 jaar zou als kinderarbeid gaan gelden. Dan kunnen boetes volgen.

Het gaat om een groeiend aantal kinderen. In 2020 werd nog gedacht aan zo’n 200 verdienende kindvloggers. Een schatting uit 2025 kwam uit op 3000 tot 4000.

Daarnaast laat het kabinet onderzoek doen naar Netflix, YouTube, Roblox, Fortnite, ChatGPT, Instagram, Snapchat en TikTok. Het wil beter begrijpen hoe die diensten de ontwikkeling en keuzes van kinderen beïnvloeden.

Docenten die filmen met leerlingen

Op 9 oktober schreef Nieuwsuur over een vraag die het advies oproept. Moeten leerlingen hun telefoon in de kluis doen, geldt dat dan ook voor docenten die op sociale media actief zijn?

Steeds meer docenten maken video’s voor TikTok en Instagram, vaak samen met hun leerlingen. Het gaat om gerepeteerde dansjes, sketches en spontane momenten uit de klas. Sommigen hebben honderdduizenden volgers.

Een voorbeeld is Martijn Holsappel, bekend als Meneer Martijn. Hij geeft les aan groep 7 en 8 en heeft 131.000 volgers op TikTok. Hij begon tijdens de coronatijd om contact te houden met leerlingen die thuiszaten. De leerlingen krijgen scripts en sinds dit jaar ook microfoons. Volgens hem zijn de video’s daardoor professioneler geworden. Hij filmt naar eigen zeggen alleen buiten de lestijd, met vier tot zestien leerlingen en met toestemming van ouders. Hij ziet de video’s als mediawijsheid en als manier om het onderwijs beter in beeld te brengen. Komt er een verbod, dan houdt hij zich eraan.

Onderzoekers zijn kritischer. Saro Lozano Parra, universitair docent in Utrecht, zag in zijn onderzoek iets opvallends. Zulke docenten zijn meer bezig met grappige video’s voor views dan met lesgeven. Hij vindt het tegenstrijdig dat docenten leerlingen bij sociale media betrekken, terwijl de overheid het telefoongebruik van leerlingen wil beperken. Ook gelooft hij niet dat leerlingen zo digitale vaardigheden leren.

Freek Zwanenberg van Bureau Jeugd & Media maakt een onderscheid. Filmen na schooltijd is iets anders dan filmen tijdens de les. Tijdens de les spelen aandacht en likes mee. Dan zijn de veiligheid en het welzijn van leerlingen volgens hem onvoldoende beschermd. Toestemming lost niet alles op, want een kind kan de video’s later vervelend vinden. Hij pleit niet voor een algeheel verbod, maar voor duidelijke schoolregels over wat gefilmd mag worden.

Niet iedereen kijkt er hetzelfde naar

Het beeld is niet zwart-wit. Onderzoek uit 2022 van hoogleraar Jeugd en Media Patti Valkenburg liet iets anders zien. Volgens haar ervaart 90 procent van de scholieren geen negatieve invloed van sociale media. Voor 10 procent geldt dat wel, vooral bij kwetsbaardere jongeren. Valkenburg vindt dat die groep serieus genomen moet worden.

Ook over het telefoonverbod zijn de ervaringen gemengd. Onderzoeker Loes Pouwels van de Radboud Universiteit meldde in 2024 dat pauzes gezelliger worden, omdat leerlingen weer met elkaar praten. Tegelijk was er scepsis bij scholen, die liever zelf over hun beleid beslissen.

Onderzoeker Alexander Smit van de Rijksuniversiteit Groningen kijkt vanuit digitale inclusie naar het verbod. Hij vindt dat we technologie te makkelijk als boeman afschilderen. De smartphone is voor oudere jongeren onmisbaar geworden, bijvoorbeeld voor het openbaar vervoer, online bankieren en DigiD. Hij vreest dat ouders het schoolbeleid thuis doortrekken. Jongeren komen later toch in een digitale wereld terecht waar ze niet op zijn voorbereid.

Volgens Smit worden jongeren uit een kansarme omgeving onevenredig hard geraakt. Voor hen kan de smartphone de enige manier zijn om privacy te vinden. Dat geldt bijvoorbeeld in een druk huishouden waar ze een slaapkamer delen. Ze gebruiken hem ook voor schoolberichten, nieuws en contact met leeftijdgenoten. Kansrijke jongeren hebben minder last. Hun ouders kunnen hen begeleiden en ze ontmoeten leeftijdgenoten bijvoorbeeld bij een sportclub.

Smit pleit daarom voor alternatieven. Hij wil gebruikmaken van de vindingrijkheid van jongeren, want zij zijn zelf ook kritisch op eindeloos scrollen en algoritmes. Ook wil hij investeren in digitale geletterdheid van jongeren, ouders en docenten. Anders kan nieuwe sociaal-digitale ongelijkheid ontstaan.

Rebecca Wald van het Nederlands Jeugdinstituut benadrukt dat het per kind verschilt. Een kind dat zelfstandig keuzes maakt, hobby’s heeft en naar een sportclub gaat, is misschien al klaar voor een smartphone. Voor een kind dat huiswerk alleen maakt als jij het zegt, kan het te vroeg zijn. Je kunt je kind stapsgewijs helpen en uitleggen waarom je afspraken maakt. Op school kan een rustige ruimte of een bordspel helpen. Thuis kun je helpen bij het vinden van een hobby of sport. Blijf vooral in gesprek over de online leefwereld.

Ouders die samen wachten met een smartphone

Sommige ouders willen dat kinderen op de basisschool nog geen smartphone hebben. De ouderbeweging Smartphonevrij opgroeien stelde daarvoor een pact op. Ouders spreken daarin uit hun kind tot 14 jaar geen smartphone te geven en tot 16 jaar geen sociale media. Sinds april 2025 hebben ouders van ruim 80.000 basisschoolkinderen het pact getekend.

Volgens oprichter Danielle Batist zitten van deze kinderen nu al 5248 op de middelbare school. In de komende vijf jaar komen daar ruim 47.000 bij. Zij ziet een kentering.

De beweging stuurde scholen een brief met praktische tips. Leerlingen zonder smartphone moeten roosterwijzigingen kunnen bekijken, kluisjes kunnen openen en op de schoollaptop kunnen inloggen. Een WhatsApp-groep voor brugklassers is volgens Batist niet nodig, want WhatsApp hanteert zelf een leeftijdsgrens van 13 jaar. Als alternatief noemt de beweging een telefoon waarmee je alleen kunt bellen en sms’en.

Een voorbeeld is het Cygnus Gymnasium in Amsterdam. Daar mogen leerlingen hun telefoon in schooltijd niet gebruiken, ook niet in de pauzes. Rector Freek op ’t Einde schreef ouders van nieuwe leerlingen dat ze kunnen wachten met de aanschaf van een smartphone. Zijn redenering: als niemand in een appgroep zit, kan niemand worden buitengesloten. Hoe meer ouders in de onderbouw dezelfde keuze maken, hoe minder groepsdruk er is. Voor dringende zaken is een kind bereikbaar via het schoolnummer. De telefoon is niet nodig om op de laptop in te loggen.

In de praktijk ligt het weerbarstiger. Conrector Thomas ter Hart is ietwat teleurgesteld dat de meeste eersteklassers toch een smartphone hebben. Een enkeling heeft een Nokia. Hij denkt dat een deel van de kinderen er al een had in groep 8. Of hun ouders hadden er al een beloofd. Ouders willen hun kind kunnen bereiken en weten waar het is.

Hoe werkt het in de praktijk?

Op de dag van de presentatie bleek dat onderwijsorganisaties verschillend reageren. De VO-raad, de vereniging van scholen in het voortgezet onderwijs, vindt het advies overdreven. Volgens de raad hanteert ruim 57 procent van de scholen al een “thuis of in de kluis”-beleid, en dat percentage stijgt. Er zijn volgens de raad geen aanwijzingen dat een scherper advies nog helpt. De Algemene Onderwijsbond denkt juist dat het wel helpt. De bond merkte al verschil sinds de landelijke afspraak van 2024. Het is op veel scholen rustiger in de klas en leerlingen kunnen zich beter concentreren.

Een voorbeeld is het Maerlant College in Brielle, dat sinds dit schooljaar een algeheel verbod kent. De telefoon moet de hele dag in de kluis of thuis blijven. Wie toch met een telefoon wordt gezien, moet die in een hoesje doen dat met een speciale clip dichtgaat. Aan het einde van de dag maakt de receptie het hoesje weer open. Wie weigert, wordt geschorst.

De rector noemt een belangrijke winst: eerst kon iedereen de hele dag gefilmd worden, en dat is nu voorbij. Een docent merkt meer rust in de lessen. Ook gaan leerlingen minder lang naar het toilet, omdat ze er niet meer stiekem hun berichten hoeven te checken.

Maar de leerlingen zijn niet allemaal enthousiast. Sommigen houden hun telefoon toch stiekem op zak. Anderen missen de klok of willen bereikbaar blijven voor hun ouders. Een leerling zegt dat het probleem verschuift naar de laptop. De wifi van de school blokkeert wel sites als Instagram, maar met een hotspot omzeil je dat. Over de pauzes zijn de leerlingen het eens: ze zijn saaier, maar wel productiever.

Volgens de docent ligt de sleutel in overleg met de leerlingen en in alternatieven voor de pauze. Het Maerlant College schafte daarvoor onder meer spelletjes en een tafelvoetbal aan. Of de leerlingen zich echt beter kunnen concentreren, moet blijken tijdens de toetsweek. Staatssecretaris Aerdts heeft er vertrouwen in dat scholen aan de slag gaan, omdat het eerdere advies voor de les goed wordt nageleefd.

Wat kun je als ouder of opvoeder doen?

  • Maak afspraken vroeg. Valkenburg benadrukt dat een gewoonte die er al is, veel lastiger terug te draaien is.
  • Begeleid positief. Trainer Roy Vathorst raadt aan om met je kind mee te kijken en erover te praten. Je hoeft niet elke app tot in detail te kennen.
  • Zet autoplay uit. Hoe dat werkt bij YouTube, Netflix en Videoland lees je in ons artikel over autoplay.
  • Vraag wat je kind bekijkt en met wie het contact heeft. Dat blijft lastig te overzien, ook voor het kabinet.
  • Kijk ook naar andere apparaten. Leerlingen vertellen dat het scherm soms verschuift naar de laptop, of dat een hotspot filters omzeilt.
  • Vraag wat de school afspreekt over filmen. Zwanenberg vindt duidelijke regels per school nodig. Je kunt navragen of die er zijn.
  • Weeg per kind af. Wald benadrukt dat een smartphone voor elk kind iets anders vraagt. Kijk onder meer naar hoe zelfstandig je kind is.
  • Zoek andere ouders. Als meer ouders dezelfde keuze maken, neemt de groepsdruk af. Het ouderpact en het Cygnus Gymnasium gaan daarvan uit.
  • Zorg dat je kind ook zonder smartphone kan meedoen. Denk aan roosterwijzigingen, het kluisje en inloggen op de schoollaptop.
  • Bedenk dat leeftijdsgrenzen nog niet vastliggen. Wat nu een voorstel is, kan nog veranderen.

    Ook volwassenen merken dat schermen veel aandacht vragen. Een jongvolwassene beschrijft hoe het voelt om Instagram te verwijderen. Lees haar ervaring in ons artikel een maand zonder Instagram: wat levert het op?

Wil je hier meer over leren? Op Computerwijs vind je cursussen over mediaopvoeding voor ouders en voor professionals.


Bronnen

Illustratie van een rij schoolkluisjes in blauwtinten, waarvan één open is met een smartphone erin en een oranje hangslot ernaast

0 Reacties op "Telefoonverbod op school en nieuwe online regels: wat betekent dit voor ouders?"

Geef een reactie op dit artikel

© 2026 Computerwijs